Praktijkcase
#Bouwplaats

Modellen uitwisselen voorkomt controlewerk

Aannemers en leveranciers kunnen aan de hand van BIM efficiënter samenwerken. Bewijs voor die stelling leveren Aannemersbedrijf Jongen-Meulen en Xella bij de nieuwbouw van het project Hornehoof in Weert. Het uitwisselen van modellen voorkomt controlewerk en bespaart tijd. “Tot voor kort ging een kalkzandsteenboekje wel drie of vier keer op en neer.”

Negenentachtig appartementen en zes groepswoningen, verdeeld over drie woongebouwen. Dat is wat er tot medio 2017 verrijst op de hoek Vogelsbleek – Graafschap Hornelaan in Weert. Jongen-Meulen bouwt er in opdracht van corporatie Wonen Limburg en zorginstelling Land van Horne. De aannemer trekt de casco’s van de gebouwen op in kalkzandsteen met breedplaatvloeren. Het voortraject is een treffend voorbeeld van de efficiencyslag die aannemer en leverancier – Xella in dit geval – kunnen behalen door te werken met modellen in plaats van ‘ouderwets’ tekenwerk.

Spelingen en toleranties

Modelleur en BIM-coördinator Marc Zeegers van Jongen-Meulen legt uit wat de typische werkwijze was voordat BIM zijn intrede deed: “In het verleden ontvingen wij van de architect werktekeningen als DWG-bestand. In deze tekeningen stonden de wanden over het algemeen met een bruto dagmaat gemaatvoerd. Dus inclusief afwerking, zonder de noodzakelijke speling/tolerantie. Deze bestanden werden één op één doorgestuurd naar Xella, waar de tekenaar er per wand een uitslag van maakte met de soms vooraf afgesproken spelingen en toleranties. Deze tekeningen werden ter controle aangeboden. In sommige gevallen hadden we wel drie tot vier controlerondes nodig voordat alle wanduitslagen definitief waren.”

‘Wandenmodel’ uitwisselen

Controle van kalkzandsteenboekjes is door BIM nauwelijks meer nodig. FOTO'S: JAN WILLEM SCHOUTEN
Controle van kalkzandsteenboekjes is door BIM nauwelijks meer nodig. FOTO’S: JAN WILLEM SCHOUTEN

Hoe anders gaat het nu: Zeegers werkt op basis van aangeleverde modellen van de bij het project betrokken architect en constructeur een eigen ‘wandenmodel’ uit, met daarin alle benodigde informatie voor Xella, bijvoorbeeld het type kalkzandsteen, of het lijmelementen of vellingblokken zijn, en de druksterkte. Tevens zijn de noodzakelijke spelingen en toleranties meteen verwerkt in het aangeleverde model. Het ‘wandenmodel’ wordt via het openbestandsformaat IFC uitgewisseld met de tekenaar van Xella, die op deze manier direct beschikt over de juiste dimensionering en informatiespecificaties. De Silka-elementen kunnen vervolgens in het model worden geïmporteerd. Dat geldt ook voor de lateien, die Xella aangeleverd krijgt via Vebo.

Controle steekproefsgewijs

Van dit model maakt de leverancier vervolgens een export (IFC), die door Zeegers wordt getoetst op kwaliteit en geometrie (de zogenoemde clash controle). Is alles in orde, dan kunnen hier eenvoudig kalkzandsteenboekjes uit worden samengesteld voor de uitvoering. Winst? “De controles van de boekjes gebeurt nog maar steekproefsgewijs, waarbij het ultieme doel is dat dit niet meer noodzakelijk is”, zegt Zeegers.

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Xella.

Discussie zien we graag op Aannemervak, maar wel met respect voor elkaar. Wij vragen daarom om onder volledige naam te reageren. Lees onze andere regels voor discussie hier. Met het plaatsen van een reactie verklaart u zich akkoord met deze regels.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Met deze wekelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van de laatste ontwikkelingen in de bouw.