#Bouwsector

Bouwschade: vloeren met te veel hobbels

Het uitzetten van het meetveld; rechts de voor de metingen gebruikte minibaak.

Ingenieursadviesbureau TechnoConsult voert regelmatig vlakheidsmetingen uit volgens NEN 2747, bijvoorbeeld omdat een opdrachtgever twijfels heeft over de vlakheid van de vloer of gewoon om te controleren of aan de eisen is voldaan. In onderstaande casus voldoen de vloeren niet aan de gevraagde vlakheidsklasse.

Dit artikel is gepubliceerd in Aannemer 07-2022.

In een nieuwgebouwd kantoor zijn op systeemvloeren druklagen aangebracht die monolithisch zijn afgewerkt. De oplevering is nabij, wat rest is het aanbrengen van de vloerafwerking. Vanwege discussie tussen partijen over de vlakheid van de betonnen vloer is TechnoConsult gevraagd metingen uit te voeren volgens NEN 2747 om te beoordelen of voldaan is aan de voorgeschreven vlakheid.

Beoordeling NEN 2747

Voor het beoordelen van de vlakheid van vloeren is uitgegaan van NEN 2747 “Classificatie en meting van de vlakheid en evenwijdigheid van vloeroppervlakken”. Deze norm was overeengekomen. Ook het peil van de vloer is een aandachtspunt, omdat een vloer nooit volkomen vlak is. Hoewel gesproken wordt van vloervlakheid wordt feitelijk de evenwijdigheid getoetst. Met andere woorden de ligging van een vloeroppervlak ten opzichte van een denkbeeldig horizontaal vlak. Standaard wordt volgens NEN 2747 de vloer beoordeeld op basis van aselecte meetvelden die worden gekozen binnen een vloeroppervlak. In basis is dit een meetveld van 10 x 10 meter. Daarbinnen wordt een (denkbeeldig) orthogonaal raster aangebracht met een afstand van 1 meter tussen de lijnen. Op elk kruispunt wordt de hoogte gemeten. Totaal levert dit 121 meetpunten op. De grootte van het raster geeft direct al een beperking aan van de meetmethode.

Mocht dit veld niet aanwezig zijn, dan noemt de norm nog een veld van 5 x 5 meter als alternatief. De afstand tussen de meetpunten wordt dan 0,5 meter. Daarnaast moet de vloer vrij zijn van obstakels. Het komt regelmatig voor dat sprake is van kleinere ruimten. Formeel kan dan geen meting worden gedaan volgens de norm. Oplossingen zijn dan het meten van een kleiner raster of op lijnen de hoogte meten en hoogteverschillen berekenen en beoordelen. Het beoordelen op deze wijze zal bij een geschil specifiek overeengekomen moeten worden.

Toetscriteria

Bij het standaardveld van 10 x 10 meter wordt om de meter gemeten. De hoogteverschillen tussen meetpunten op 1, 2 en 4 meter worden in de beoordeling meegenomen. Bij een veld van 5 x 5 meter betreft het meetpunten op 0,5, 1 en 2 meter. NEN 2747 toetst per meetveld en afstand op drie aspecten.
1. Gemiddeld hoogteverschil. Dit is het gemiddelde van alle bepaalde hoogteverschillen tussen de meetpunten.
2. Toets laag. Ten hoogste vijf procent van de verschillen mag een waarde hebben die groter is dan de toegestane waarde in een bepaalde klasse.
3. Toets hoog. Geen enkel berekend hoogteverschil mag de in de norm vastgelegde waarde bij een bepaalde vlakheidsklasse overschrijden.

Verder wordt per meetveld ook het veldhoogteverschil bepaald. Dit is het hoogteverschil tussen het laagste en hoogste punt van een beoordeeld meetveld. Het gemiddelde veldhoogteverschil van alle meetvelden moet voldoen aan waarden die zijn vastgelegd in NEN 2747.

NEN 2747 kent 7 vlakheidsklassen, waarbij klasse 1 de meest vlakke klasse is en klasse 7 de minst vlakke. De hogere klassen zijn veelal goed realiseerbaar bij een dekvloer (klasse 2-3). Betonvloeren worden doorgaans aangeboden in klasse 4 of 5.

EN 2747 staat als verschil tussen twee meetpunten relatief veel afwijking toe. In dit geval was gevraagd klasse 4 met ook een toets op klasse 3. In klasse 4 is tussen punten op 1 meter afstand van elkaar maar liefst 8,5 mm hoogteverschil toegestaan. Bij vijf procent van de verschilmetingen mag dat meer zijn dan 5,5 mm. Bij klasse 3 is dit respectievelijk 7,0 en 4,5 mm.

Vlakheid of gaping

Een plaatselijke zonk of bult in de vloer hoeft dus niet ontdekt te worden bij een meting volgens NEN 2747. Dergelijke zonken of bulten zijn natuurlijk ongewenst bij veel typen vloerafwerking. In specifieke richtlijnen, waaronder de Nederlandse CROW-CUR richtlijn 1 “Prestatie-eisen aan gegoten dekvloeren in relatie tot aan te brengen vloerafwerkingen” wordt dan ook een andere methode beschreven in relatie tot de vloerafwerking. In de basis gaat het dan om een beoordeling van de gaping onder een rei die op de vloer wordt geplaatst. Deze methode was hier echter niet overeengekomen.

Vlakheid en peilmaat

Het peil van de vloer moet niet worden verward met de vlakheid. NEN 2747 zegt niets over het vloerpeil en de toleranties daarop. Dat beide een relatie met elkaar hebben is echter evident.

Dat een bepaald peil is voorgeschreven, betekent met de ruimte die NEN 2747 biedt dat de vloer niet overal exact op dit peil komt te liggen. Vastgelegd zou moeten worden of het gewenste peil nergens mag worden onderschreden. Soms is dit zelfs vereist als voorschriften een minimale dikte van de vloer vragen. Een andere keuze kan zijn het gewenste peil nergens te overschrijden, om bijvoorbeeld te voorkomen dat een vloerafwerking boven randvoorzieningen komt te liggen.

Beoordeling en oplossing

In deze casus heeft TechnoConsult op alle verdiepingen twee dan wel drie meetvelden uitgezet en ingemeten. Dit vanwege het vloeroppervlak waarbij in NEN 2747 het aantal meetvelden is beschreven. Van de hoogtemetingen zijn de verschilmetingen bepaald die vervolgens zijn getoetst op de drie criteria als ook het veldhoogteverschil. De conclusie was dat veel vloeren niet voldeden aan een klasse 4 en/of 3. Om ook optisch een beeld te krijgen van het verloop van de vloeren zijn de hoogtemetingen gepresenteerd in een hoogteplaatje. Als oplossing zou men in theorie bulten kunnen wegnemen door middel van schuren en kuilen kunnen opvullen. Echter de beoordeling is maar een deel van de vloer. De rest is nog niet in beeld. Schuren en vullen is niet echt praktisch en levert een lappendeken op. Gelukkig was hier nog een vloerafwerking voorzien. Een pragmatische oplossing is dan maar rekening houden met extra egaliseren of extra lijm en meer tijd besteden aan de uitvoering.

Dit artikel is gepubliceerd in Aannemer 07-2022.

Discussie zien we graag op Aannemervak, maar wel met respect voor elkaar. Wij vragen daarom om onder volledige naam te reageren. Lees onze andere regels voor discussie hier. Met het plaatsen van een reactie verklaart u zich akkoord met deze regels.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Schrijf je in voor de nieuwsbrief

Met deze wekelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van de laatste ontwikkelingen in de bouw.