Mobiel werken, apps en augmented reality

Geplaatst op 25 november 2014, door in Ondernemen

Hoe veranderen mobiele telefoons en tablets, apps en augmented reality de dagelijkse praktijk in de bouw? Een blik op het heden en een kijkje in de glazen bol met Maarten Slee, innovatiecoördinator bij Ballast Nedam en bestuurslid van Stumico, vereniging voor ICT-toepassingen in de bouw.

Het is een inmiddels veelvuldig gebruikt YouTube-filmpje om aan te tonen hoe snel technologische ontwikkelingen in de maatschappij gaan: een item over de opkomst van de mobiele telefoon, uit 1999. Wie het niet kent moet het even opzoeken. Het is hilarisch: bijna iedereen die op straat wordt gevraagd of hij of zij het nut van een mobiele telefoon inziet, antwoordt negatief. ‘Niet nodig, heb een antwoordapparaat’. En: ‘Waarom zou je de hele tijd bereikbaar willen zijn?’ Nu, 15 jaar later, zijn we ermee vergroeid. Oké, dat is voor veel mensen misschien ook weer wat overdreven, maar niemand kan ontkennen dat ze alomtegenwoordig zijn en we bovendien heel wat meer doen met een mobiele telefoon dan we in 1999 konden vermoeden.

Meer tablets

Maarten Slee begint er zijn presentatie over mobiel werken, apps en augmented reality mee. Een presentatie die hij eind september gaf bij een bijeenkomst van Stumico, de vereniging voor ICT in de bouw waar hij bestuurslid is. Nog een mooie illustratie: het publiek bij de inauguratie van de Paus in 2005 en hetzelfde tafereel in 2013. Het verschil? Honderden tablets boven de hoofden van het publiek, die het moment vastleggen. “Onlangs was in het nieuws dat Samsung stopt met het maken van laptops. Sony doet hetzelfde. Als je naar de trends kijkt zie je een heel sterk stijgende lijn voor de tablets. De lijn voor laptops stijgt ook nog iets, maar het gaat meer en meer de kant van tablets op.”

Steeds makkelijker

Mobiele apparaten en dan vooral de apps die ervoor ontwikkeld worden, maken het ons steeds gemakkelijker, zegt Slee. “Vergelijk het met een website. Als je er in 1999 een wilde, had je een programmeur nodig. Tegenwoordig heb je via online apps in een halve dag een nieuwe website. De schaker Kasparov won op een bepaald moment niet meer van de schaakcomputer. Totdat hij hem ging gebruiken. Je kunt geen talent hebben voor schaken, maar toch goed kunnen schaken door te weten hoe je een schaakcomputer moet gebruiken. Datzelfde kan in de bouw gebeuren. Wat ik wil zeggen: het wordt ons steeds makkelijker gemaakt.”

Huidige apps

Welke apps maken het ons nu al makkelijker in de bouw? Slee onderscheidt de registratie-apps en (3D-)viewers. Registratie-apps zijn bijvoorbeeld Ed Controls, snagstream en allerlei varianten. Kort gezegd maakt de gebruiker een foto van een gebrek, koppelt die aan een plattegrond, schrijft er wat bij en wijst een verantwoordelijke aan. Het gebruik van dit soort apps in de bouw is sterk groeiende. Het scheelt bergen papierwerk. “En in de infra is de GPS-camera heel handig. Ik heb een aantal jaren terug als uitvoerder op de A12 bij Zoetermeer gezeten. Steeds als er iets was, moest ik zorgen dat ik een hectometerpaaltje op de foto had om de locatie goed duidelijk te kunnen maken. Ik had toen al een framework bedacht voor een dergelijke app. Nu bestaat-ie gewoon.”

Sensortechnologie

Wat zijn de toekomstige apps? Slee noemt HAPIfork. Een vork met een sensor die meet of iemand te snel of te langzaam eet en wat het effect daarvan is. Dat is niet iets waar de bouw direct iets mee kan, maar de kern van deze app is sensortechnologie. Iets dat veel potentieel heeft, volgens Slee. “Een sensor kan ook in de arm van een kraan, zodat je kunt meten wat de productiviteit is, of er iets uit kunt leren over logistiek. Nu gaat alles op ervaring.”

Intelligente laadbak

Ander voorbeeld, hetzelfde principe: MyVesselCup meet hoeveel iemand drinkt en wát iemand drinkt. “Stel nu dat je de laadbak van een vrachtwagen zo intelligent kunt maken dat deze herkent welk materiaal erin zit en hoe het zit met de asdruk van de vrachtwagen. Je hebt nooit meer te zwaar beladen vrachtwagens. Ook dat gaat nu op ervaring en ja, op dat gebied worden nogal eens boetes uitgedeeld. Wat ook kan is dat je ‘smart garbage cans’ krijgt die vanzelf aangeven dat ze vol zitten, zodat ze kunnen worden opgehaald door de afvalverwerker.”

Wearable

De Tile is een voorbeeld van een wearable app. Een sensortje dat je overal in kunt stoppen waar de gebruiker vindt dat het handig is. Of dat nu een sleutelbos is, of bijvoorbeeld een werktekening. Met een app kun je die in no time opsporen. Slee: “Een Tile kost nu nog 20 dollar, maar over een paar jaar niet meer, zeker als je bulk inkoopt. Dan hebben we het over een eurootje.”

3D en augmented reality

3D-viewers zijn een andere categorie apps die nu al worden gebruikt. Slee noemt Sketch Up Scan. Inmeten van een ruimte kan door een paar foto’s te maken. De 3D-tekening volgt vanzelf. De ontwikkelingen daarin gaan steeds verder in de richting van wat onder de noemer augmented reality valt. Dat betekent zoveel als een extra laag informatie die je krijgt als je een tablet of smartphone richt op een object. Het combineert een virtuele informatiewereld met de werkelijkheid die de camera vastlegt. Die camera kan ook zitten in de Google Glass. BAM experimenteert momenteel met deze bril. Slee wijst in dit kader ook op de recent ontwikkelde DAQRI Super Helmet: kort gezegd Google Glass, maar dan verwerkt in een bouwhelm. Augmented reality stelt ook consumenten in staat om allerlei producten -een nieuwe IKEA-kast bijvoorbeeld- virtueel in hun woonkamer te plaatsen. En dat zal nog verder gaan, denkt Slee. Configureer en bestel maar, wordt het adagium. “Het is niet ondenkbaar dat IKEA dat met complete woningen gaat doen. Plug and play. Microsoft en IKEA zijn misschien wel de bouwbedrijven van de toekomst.”

Normen en waarden

Slee stipt tot slot nog wel een thema aan dat belangrijk is om in het achterhoofd te houden: de mens moet de norm bepalen met al deze technische ontwikkelingen. “Wanneer de sensoren meten dat je zes uur hebt geslapen en de appbouwer heeft ingesteld dat acht uur slaap voldoende is, waardoor ‘het systeem’ je gaat vertellen dat je je niet goed voelt, dan gaat er iets mis. Met Google Glass film je ongevraagd en zonder toestemming van anderen. Dit maakt nogal inbreuk op privacy. Het is erg interessant wat deze technologische ontwikkelingen doen met de mens en het moraal. Een onderzoek waard.”

Beeld: BAM, DAQRI, Paul Diersen

Dit artikel stond eerder in de Aannemer van november 2014. Klik hier voor een (proef)abonnement. 

Tags
, , ,

Reacties

  1. Hampsink op 3 augustus 2017, om 20:03

    Leuk stukje Maarten.
    Deze nieuwe technieken zullen inderdaad in de toekomst meer worden toegepast. Zo werken grote aannemers vaak met het programma ed controls.
    Maar ik wou ook even mijn app fixLINQ bij u onder de aandacht brengen. Met deze app kunnen klanten storingen melden voorzien van foto/video/tekst.
    Men kan eventueel realtime meekijken met de klant om ondersteuning te bieden. Alles opgeslagen in logboek.
    Monteurs kunnen onderling communiceren en meekijken voor ondersteuning. App is meertalig.
    Onderling documenten sturen.
    Te koppelen met bestaande softwarepakketten.
    Ook eventueel White-label te leveren, dus met eigen naam en logo in Google-play en App-store.

    Vanaf september beschikbaar.

    Met vriendelijke groeten: Tonny Hampsink

Ook reageren?

Discussie zien we graag op Aannemervak, maar wel met respect voor elkaar. Wij vragen daarom om onder volledige naam te reageren. Lees onze andere regels voor discussie hier. Met het plaatsen van een reactie verklaart u zich akkoord met deze regels.

Je e-mailadres wordt nooit gepubliceerd of gedeeld. Vereiste velden zijn gemarkeerd met een *

*
*
*

x
Mis niet langer het laatste nieuws

Schrijf u nu in voor onze nieuwsbrief.

Inschrijven