Elektrisch rijden zonder zero-emissiedruk: de bewuste keuze van klusser Jan Willem de Bie

elektrisch rijden
Jan Willem de Bie rijdt een jaar elektrisch. “Dat bevalt goed. Hij is stil en supercomfortabel.”

Nu in steeds meer steden zero-emissiezones gelden, vragen veel ondernemers zich af of zij een elektrisch bedrijfswagen moeten aanschaffen. Jan Willem de Bie, eigenaar van Bie Yourself Timber Works, ruilde in 2024 zijn zeven jaar oude Fiat Ducato diesel in voor een nieuwe Ford E-Transit. “Die zero-emissiezones zijn voor mij geen overweging geweest”, aldus de Apeldoornse ondernemer.

Saillant is dat De Bie (55) vrijwel gelijktijdig met het tekenen van het koopcontract van zijn elektrische bedrijfsbus in mei 2024 een brief van de gemeente kreeg. Daarin stond dat Apeldoorn de invoer van een zero-emissiezone met vijf jaar uit had gesteld naar 1 januari 2030. “Ik snap heel goed dat veel bedrijven met dit zwabberende overheidsbeleid wachten met investeren in een of meer elektrische busjes.”

Korte ritten

Maar, zoals hij al aangaf, besloot de Apeldoorner om andere redenen voor een elektrische bedrijfswagen te kiezen. Hij werkt grofweg in een cirkel van 40 kilometer rond Apeldoorn. De Bie: “Het liefst kom ik Apeldoorn helemaal niet uit. Die korte ritten zijn voor de technische kwaliteit van een diesel niet goed. Gezien de aard van mijn werk heb ik ook geen bus nodig om zware spullen als gips of specie te vervoeren. Hooguit neem ik wat glas en steigers mee. Vorig jaar was de laatste kans op subsidie bij de aankoop van een elektrisch voertuig. Voor mij kwam die uit op 5.000 euro. Ik heb niet uitgerekend wat de kilometerprijs van een dieselbus en elektrische bus is. Het was voor mij gewoon een goed moment om deze investering te doen.”

Ford of Fiat

In zijn zoektocht naar een geschikte elektrische bedrijfswagen heeft De Bie zich hoofdzakelijk gericht op de Fiat E-Ducato (“omdat de dieselversie goed was bevallen”) en de Ford E-Transit. Kijkend naar belangrijke specificaties als ruimte, laadvermogen en rijbereik ontliepen de twee elkaar nauwelijks, aldus De Bie. Zijn keuze viel uiteindelijk op de Ford omdat hij die simpelweg mooier vond. Met aftrek van de subsidie kostte de van vele extra’s voorziene E-Transit ongeveer 60.000 euro exclusief btw.

De Bie: “In september heb ik de bus gekregen. Hij had een standaard interieurbekleding en een vloer. Zelf heb ik er kasten in gemaakt voor machines, gereedschappen en onderdelen. Ik ben tevreden over de bus, hij voldoet prima. Hij is stil en rijdt supercomfortabel. Ik rijd rustiger en gelijkmatiger en mag overal komen. Het elektrisch rijden zou ik ook kunnen gebruiken voor het imago van mijn bedrijf. Mijn werk is gericht op duurzaamheid en daar kan ik nu een schone bedrijfswagen aan koppelen.”

elektrisch rijden
Jan Willem de Bie maakte in de zijn Ford E-Transit zelf kasten voor machines, gereedschappen en onderdelen.

Beperkingen

Toch zijn er vergeleken met zijn vorige bus wel degelijk ook nadelen, aldus De Bie. Zo is het laadvermogen beperkt. De bus zelf weegt 2.600 kilo en mag inclusief belading maximaal 4.250 kilo wegen. “Het trekvermogen is ook niet groot. Met mijn bus mag ik een aanhanger van maximaal 750 kilo trekken, met de diesel was dit 2,5 ton.”

Door deze spelregels kan niet elke aannemer met zo’n elektrische bedrijfswagen en ‘lichte’ aanhanger uit de voeten. “Zeker niet elke combinatie is op dit moment geschikt. Dit zijn echt zaken waar je heel goed naar moet kijken voordat je tot aankoop overgaat”, waarschuwt De Bie.

(Bij)laden

En hoe zit het met de actieradius? “Mijn bus heeft een rijbereik van rond de 200 kilometer. Maar in de winter als het koud is dan loopt dit terug naar maximaal 140 tot 150 kilometer. In januari was ik drie weken in Ermelo bezig. Dat is heen en terug dik 60 kilometer. Ik heb toen elke dag de bus moeten bijladen.”Dat laden doet De Bie – die inmiddels ook privé elektrisch rijdt – thuis met een zogeheten Wall Box, een aan de muur bevestigd laadpunt dat hem 1.800 euro exclusief btw heeft gekost. Daarnaast gebruikt hij af en toe een snellaadpunt in zijn woonplaats. “Ik probeer dit te beperken omdat snelladen ten koste gaan van de accuduur.”

Zwabberend overheidsbeleid

Als voorzitter van de VLOK, de branchevereniging voor vakmensen, heeft Jan Willem de Bie een goed beeld van hoe professionele klussers ‘in de wedstrijd staan’ waar het gaat om wel of niet elektrisch rijden. “Zolang er voldoende klussen zijn, rijden klussers gewoon de andere kant op (dus niet naar steden waar een zero-emissiezone geldt, red.) en gaan zij niet tienduizenden euro’s in elektrische busjes investeren. Mensen die met hun handen werken, hebben ook geen zin om achter de computer te kruipen om een ontheffing aan te vragen.”

Degenen die door het ‘zwabberende beleid van de overheid’ echt in de problemen komen, zijn volgens De Bie de mensen die in een zero-emissiezone wonen. Zij zullen veel moeite moeten doen om een klusser te vinden die bij hen aan de slag wil gaan.

B-rijbewijs volstaat voor zwaar elektrische voertuig

Voertuigen met een maximale toegestane massa van 4250 kilo mogen sinds 1 juli 2025 gereden worden met een regulier B-rijbewijs. Hieraan zijn twee voorwaarden verbonden: de bestuurder is minimaal twee jaar in het bezit van het B-rijbewijs én heeft aantoonbaar een veiligheidscursus gevolgd, zoals overeengekomen tussen overheid en brancheverenigingen. 

Deze nieuwe wetgeving geldt niet alleen voor elektrische voertuigen, maar ook voor andere vormen van alternatieve aandrijving, zoals waterstof of gas (bijvoorbeeld lpg, lng of cng).  Bovendien geldt voor elektrische voertuigen tot 4250 kilo een vrijstelling van de tachograafplicht. Mits deze wagens uitsluitend in Nederland rijden en binnen een straal van 100 kilometer vanaf de vestigingslocatie blijven, volstaat een boordcomputer die de arbeidstijden digitaal en betrouwbaar registreert.

 (Bron: www.evofenedex.nl). 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.