Schijnzelfstandigheid: 2026 nog respijt, maar spelregels worden strenger

(Foto: Shutterstock)

De Belastingdienst zet in 2026 de handhaving op schijnzelfstandigheid voort, maar doet dat opnieuw met de nodige terughoudendheid. Het kabinet verlengt de zogenoemde zachte landing deels, blijkt uit het Handhavingsplan arbeidsrelaties 2026. Voor bouwbedrijven betekent dit dat er nog tijd is om de inhuur van zzp’ers op orde te brengen, maar vrijblijvend is het niet meer.

Wie in 2026 wordt gecontroleerd, hoeft niet direct een boete te verwachten. De Belastingdienst start in principe met een bedrijfsbezoek, waarbij uitleg en gesprek vooropstaan. Verzuimboetes blijven achterwege. Wel kunnen bij duidelijke opzet of grove schuld vergrijpboetes worden opgelegd. Dat was in 2025 nog niet aan de orde.

Geen sectorspecifieke aanpak

De handhaving blijft risicogericht en geldt voor alle sectoren. Ook de bouw wordt dus niet apart aangewezen als risicosector. Volgens het handhavingsplan komt een onjuiste kwalificatie van arbeidsrelaties in alle branches voor en is maatwerk noodzakelijk. Signalen uit aangiften, ketens met tussenpersonen en gegevens uit toezichtinstrumenten bepalen waar de Belastingdienst actie onderneemt.

Overgangsjaar richting 2027

Tot 2030 geldt een ingroeimodel. Dat houdt in dat de Belastingdienst bij correcties en naheffingen in beginsel niet verder teruggaat dan 1 januari 2025. Alleen bij kwaadwillendheid of het niet opvolgen van eerdere aanwijzingen kan de Belastingdienst verder terugkijken. De echte omslag volgt vanaf 2027, wanneer de handhaving volledig onderdeel wordt van het reguliere toezicht.

De boodschap voor (bouw)ondernemers is duidelijk: 2026 is het jaar om knopen door te hakken. Wie nu kritisch kijkt naar contracten, aansturing en verantwoordelijkheden, voorkomt dat zachte landing straks alsnog een harde wordt.

Wat betekent dit voor de bouw?

Voor bouwbedrijven die werken met zzp’ers verandert er in 2026 geen abrupt handhavingsregime, maar de ruimte wordt wel kleiner. De Belastingdienst blijft terughoudend, maar verwacht aantoonbare stappen richting een juiste inrichting van arbeidsrelaties.

  • Geen verzuimboetes in 2026, maar bij opzet of grove schuld kan de Belastingdienst wel vergrijpboetes opleggen. Bewust risico nemen wordt dus nadrukkelijker bestraft.
  • Bedrijfsbezoek als startpunt. De Belastingdienst begint in principe met een gesprek op locatie. Daarbij ligt de focus op uitleg, inzicht en verbetering van processen rond inhuur.
  • Meer aandacht voor ketens en tussenpersonen. In de bouw wordt veel gewerkt met onderaannemers. De Belastingdienst kijkt nadrukkelijker naar de feitelijke werksituatie in de hele keten.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.