De komst van zero-emissiezones in binnensteden bezorgt veel ondernemers hoofdbrekens. Moet ik met nu wel of niet investeren in uitstootvrije voertuigen? Het hoofdlijnenakkoord van de vier regeringspartijen maakt het er niet duidelijker op. Het is aan de nieuwe minister van Infrastructuur en Waterstaat Barry Madlener (PVV) om helderheid te geven.
- Wever Bouwgroep ziet kansen in zero-emissiezone Amsterdam
- Mulders Bouw overweegt hub in te richten aan de rand van het centrum
Zo’n 30 gemeenten hebben inmiddels een zero-emissiezone aangekondigd. Ongeveer de helft van deze gemeenten voert de maatregel in per 1 januari 2025, de andere gemeenten volgen later. In ZE-zones zijn nieuwe bestel- en vrachtauto’s alleen nog welkom als zij rijden op elektriciteit of waterstof en dus geen CO2 uitstoten.
Dat lijkt een duidelijke bepaling, maar het door de vier coalitiepartijen opgestelde hoofdlijnenakkoord geeft ruimte voor onzekerheid. In het door PVV, VVD, NSC en BBB gesloten hoofdlijnenakkoord staat: “Bezien wordt op welke manier het instellen van zero-emissiezones kan worden uitgesteld, onder andere om uitzonderingen voor bijvoorbeeld ondernemers landelijk te kunnen regelen (standaardiseren).” Daar wordt vervolgens aan toegevoegd: “De instelling van zero-emissiezones blijft een gemeentelijk besluit.”
Terwijl de één spreekt van zwabberbeleid van de overheid, is de ander blij met een eventueel uitstel. Kort voor het zomerreces sprak de Commissie Infrastructuur en Waterstaat met belangenorganisaties, waaronder MKB-Nederland, Transport en Logistiek Nederland (TLN) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), over het onderwerp. De commissieleden wilden vooral duidelijk krijgen tegen welke problemen ondernemers aanlopen bij de invoering van de zero-emissiezones per 1 januari 2025. En wat nodig is om die problemen het hoofd te bieden.
Kentekencheck
Ondernemers kunnen op de website www.opwegnaarzes.nl een kentekencheck doen. Zo zie je snel of je met jouw bestelauto de zero-emissiezones in mag rijden. Op deze site is ook te vinden welke gemeenten op welke datum een zero-emissiezone invoeren. Verder is hier meer te lezen over vrijstellingen en ontheffingen. Een ontheffing aanvragen kan via de website van de RDW.
Run op dieselbussen
Veel ondernemers hikken aan tegen de hoge aanschafprijs van een elektrische bedrijfswagen. De komst van zero-emissiezones en het afschaffen van de bpm-vrijstelling voor bestelauto’s met ingang van 2025, heeft gezorgd voor een run op dieselbussen. Volgens cijfers van RAI Vereniging zijn in de eerste vijf maanden van dit jaar 37.000 bestelauto’s geregistreerd. Dat zijn er 7.000 meer dan in dezelfde periode vorig jaar. Euro 6 bestelauto hebben nog tot 2028 toegang tot de ZE-zones.
Concreet betekenen de toegangsregels dat vanaf 2025 bestelauto’s van 13 jaar of ouder de zero-emissiezones niet meer in mogen. Volgens BOVAG-voorzitter Han ten Broeke betreft dat ongeveer 23 procent van het huidige wagenpark. “Zo’n driekwart van de bedrijfswagens is Euro 5 of Euro 6. Dus heel veel ondernemers kunnen nog wel even voort.”
Het CBS heeft berekend dat in de bouwnijverheid iets meer dan drie op de tien bedrijven geraakt worden door het ingaan van de ZE-zones per 1 januari 2025.

Centraal Ontheffingsloket
Ten Broeke hamerde tegenover de commissieleden op heldere communicatie vanuit de overheid. Veel ondernemers zouden onbekend zijn met de geldende vrijstellingen en ontheffingen. Hij noemde in dit verband het voorbeeld van een schilder die dacht een bakfiets te moeten kopen. “Terwijl hij voor hetzelfde bedrag een tweedehands Euro 6 bestelauto kan aanschaffen.”
Bedrijven met vragen over de ZE-zones en de mogelijkheden voor vrijstellingen, kunnen terecht bij het Centraal Ontheffingsloket. Dit loket fungeert als het centrale punt voor het aanvragen van ontheffingen en vrijstellingen.
Behoefte aan duidelijkheid
Ondernemers hebben vooral behoefte aan eenduidige en geharmoniseerde regelgeving voor de invoering van de ZE-zones, benadrukten de belangenorganisaties tijdens het rondetafelgesprek. Leendert-Jan Visser, directeur MKB-Nederland, gaf daarbij het voorbeeld van aannemers en schilders die in het hele land werkzaamheden in binnensteden uitvoeren. ‘Voor hen is de uiteenlopende regelgeving in de diverse steden lastig. Voor deze ondernemers zijn hun wagens niet de kern van hun bedrijf, maar rijdende gereedschapskisten.’
Visser kreeg bijval van Elisabeth Post, bestuursvoorzitter van Transport en Logistiek Nederland. “Ondernemers hebben meer aan duidelijkheid dan aan uitstel. Uitstel benadeelt ondernemers die al geïnvesteerd hebben in elektrische bedrijfswagens. Bovendien schaadt het het vertrouwen in de overheid.”
Laadinfrastructuur en netcongestie
Commissielid Arend Kisteman (VVD) vroeg zich af of ondernemers voldoende toegang hebben tot laadfaciliteiten. Volgens Monique Esselbrugge (VNG) hebben gemeenten vertrouwen in de beschikbaarheid van genoeg laadmogelijkheden binnen de ZE-zones. Al blijft netcongestie wel een punt van zorg en is dat voor de PVV een reden om uitstel te overwegen, gaf Tweede Kamerlid Rachel van Meetelen aan. Voor Olger van Dijk (NSC) geldt juist dat netcongestie geen argument mag zijn om de ZE-zones uit te stellen.
Geen lappendeken aan regels
Uitstel of niet; pas in de komende maanden volgt daarover duidelijkheid. Wat wel helder is, is dat er vooral behoefte is aan duidelijke, eenduidige en geharmoniseerde regelgeving. Ondernemers die actief zijn in meerdere gemeenten met ZE-zones mogen niet geconfronteerd worden met een lappendeken aan regels. Uniformiteit in vrijstellingen en voldoende laadmogelijkheden zijn cruciaal voor een succesvolle implementatie, gaven de belangenorganisaties de commissieleden mee.
De nieuwe minister van Infrastructuur en Waterstaat, Barry Madlener (PVV), heeft nu de taak te bezien wat wijsheid is.
Wever Bouwgroep ziet kansen in zero-emissiezone Amsterdam

Wever Bouwgroep, dat een vestiging heeft op Prinseneiland in het centrum van Amsterdam, sorteert al een aantal jaren voor op de door de gemeente aangekondigde zero-emissiezone. Alle nieuwe bestel- en vrachtauto’s die binnen de S100 in de hoofdstad rijden moeten vanaf 1 januari 2025 uitstootvrij zijn, zo heeft de gemeente bepaald.
Het bouwbedrijf schafte zo’n vijf jaar geleden voor de Amsterdamse vestiging de eerste elektrische bakfietsen en elektrische scooters aan. Diesel- en benzinevoertuigen worden vervangen door elektrische busjes.
Sander Houtenbos, directielid en mede-eigenaar van Wever Bouwgroep, vertelt dat niet enkel de komst van de zero-emissiezone voor het bedrijf een uitdaging is. “Onze projecten in de binnenstad zijn lastig bereikbaar en parkeren is vaak ook een probleem. Een projectteam onderzocht hoe we binnen de Wever Bouwgroep de kosten van de last mile kunnen verminderen. Hoe komen we van en naar onze projecten, op een zo efficiënt mogelijke manier? Het is een hele puzzel, maar zetten momenteel leuke stappen.”
Op de fiets de stad door
In de praktijk betekent dit nu veelal dat de bouwplaatsmedewerkers vanaf Prinseneiland op een (elektrische) fiets of scooter naar hun project in de stad vertrekken. Houtenbos: “Bij ons kantoor is voldoende parkeergelegenheid en binnen een kwartier ben je op de fiets de hele stad door. Bij langlopende projecten kunnen we gereedschappen en materialen op het werk laten.”
Voor de mannen die onderhoudswerk verrichten is dat anders. Zij moeten dagelijks op pad met gereedschap en andere materialen. Voor dit werk heeft Wever Bouwgroep nu vier elektrische Opel Vivario’s in bestelling. “Zo’n busje is meer dan twee keer zo duur als eentje op benzine. Financieel is het niet interessant om te investeren in uitstootvrije voertuigen. Het is ook niet terug te rekenen naar de opdrachtgever”, aldus Houtenbos.
Hij ziet dat de ophanden zijnde regelgeving voor onderaannemers van Wever Bouwgroep om die reden lastig is. “Zzp’ers kunnen de hoge investeringen in uitstootvrije voertuigen doorgaans moeilijk betalen.”
Voorstander van een duidelijke lijn
Dat de vier regeringspartijen in het hoofdlijnenakkoord hebben afgesproken te willen ‘bezien op welke manier het instellen van zero-emissiezones kan worden uitgesteld’, juicht Houtenbos niet toe. Hij is vooral voorstander van een duidelijke lijn. “Wever Bouwgroep is hier nu al een paar jaar mee bezig, dus wat ons betreft gaan we gewoon door op de ingeslagen weg. Het biedt ons kansen als andere bedrijven om deze reden niet langer in de stad willen werken en afhaken.”
De gemeente Amsterdam heeft het voornemen om de zero-emissiezone in 2028 uit te breiden naar het volledige gebied binnen de Ring A10.
Mulders Bouw overweegt hub in te richten aan de rand van het centrum

Maastricht is één van de gemeenten die vanaf 1 januari 2025 een zero-emissiezone voor bestel- en vrachtauto’s invoert. Om ervaring op te doen met elektrisch rijden voegde het Maastrichtse familiebedrijf Mulders Bouw in de zomer van 2023 een Ford Transit L2H2 toe aan het wagenpark. “Normaal kopen we onze bedrijfswagens, maar dit keer kozen we voor lease”, vertelt bedrijfseigenaar Jean Mulders. “Leasen was voor ons de beste optie gezien de hoge aanschafprijs van een elektrische wagen en de onzekere inruilwaarde.”
Wat Jean Mulders tegenvalt aan de elektrische Ford is de beperkte actieradius. “Zo’n elektrische auto rijdt comfortabel. Maar wanneer de auto zwaar beladen is, een aanhanger trekt of het buiten koud is, kunnen we er niet meer dan 200 kilometer mee rijden.” Hij maakt zich ook zorgen over de beperkte laadmogelijkheden voor elektrische auto’s in het centrum van Maastricht. “Veel laadpalen staan in parkeergarages. Daar kom ik met mijn verhoogde Ford Transit vaak niet binnen.”
Behoefte aan eenduidig beleid
Mulders Bouw, met veel klanten in het centrum van Maastricht, is er nog niet uit wat de komst van zero-emissiezones betekent voor het wagenparkbeheer van het bedrijf. “Onze vijf dieselbussen vervangen door elektrische is financieel niet haalbaar. Een alternatief kan zijn dat we aan de rand van het centrum van Maastricht een hub inrichten, waar we onze dieselbussen parkeren en vervolgens overstappen in een elektrisch voertuig. Zoiets zou ik met mijn onderaannemers op kunnen zetten”, overweegt Mulders.
Wat de ondernemer vooral steekt is het gebrek aan eenduidig beleid. “Elke gemeente kan zijn eigen regels bepalen. Ik ben niet tegen verduurzamen, wil ook graag de regels naleven, maar waarom is de ondernemer altijd de sjaak?”, vraagt Jean Mulders zich af. “De impact van deze regelgeving is voor met name kleine bedrijven enorm.”

