Zowel Bouwend Nederland als Aannemersfederatie Nederland Bouw & Infra (AFNL) reageren overwegend positief op de inhoud van het afgelopen vrijdag door D’66, VVD en CDA gepresenteerde coalitieakkoord. Wel plaatsen zij nadrukkelijk kanttekeningen bij de uitvoering. De sector ziet kansen voor versnelling van woningbouw, infrastructuur en verduurzaming, maar benadrukt dat snelle en concrete maatregelen cruciaal zijn.
Bouwend Nederland spreekt van beweging na twee jaar stilstand. Volgens voorzitter Arno Visser ademt het akkoord een duidelijke uitvoeringsmentaliteit. Met maatregelen zoals het schrappen van bezwaarprocedures, het invoeren van vaste termijnen voor uitspraken en het standaardiseren van eisen, komt versnelling van woningbouw dichterbij. Vooral het loslaten van bovenwettelijke gemeentelijke regels en de inzet op industriële woningbouw en innovatie worden gezien als belangrijke doorbraken. Daarmee verschuift de focus van tekentafel naar praktijk, wat nodig is om de ambitie van 100.000 woningen per jaar haalbaar te maken.
€20 miljard voor aanpak stikstofproblematiek
Ook op het dossier stikstof ziet Bouwend Nederland voorzichtige vooruitgang. De gereserveerde €20 miljard voor natuurherstel en gebiedsgerichte maatregelen biedt volgens de organisatie de randvoorwaarden om de vergunningsverlening weer op gang te brengen. Daarbij is het wel essentieel dat al vóór 2030 aantoonbare resultaten worden geboekt. De ruimte die het kabinet laat om het akkoord verder in te vullen, noemt Bouwend Nederland een kans om waar nodig bij te sturen.
AFNL sluit zich aan bij de positieve grondtoon, maar benadrukt dat het succes van het akkoord staat of valt met de snelheid van handelen. De federatie is tevreden over de aandacht voor woningbouw, verduurzaming, circulariteit en herbestemming, evenals voor het verkorten van vergunningstrajecten en het schrappen van onnodige regels. Met name de inzet op ‘straatje erbij’ en ‘wijkje erbij’ ziet AFNL als een kans om op korte termijn vaart te maken, naast grootschalige projecten voor de langere termijn.
Nationaal Isolatie Offensief
Tegelijkertijd wijst AFNL op blijvende knelpunten. Zo is een snelle oplossing van de stikstofproblematiek noodzakelijk om vergunningverlening daadwerkelijk los te trekken. Ook het Nationaal Isolatie Offensief stemt positief, maar vraagt om eenduidige regels rond de zogenoemde vleermuisproblematiek, die nu per provincie verschillen en uitvoering belemmeren.
Een ander belangrijk aandachtspunt is de arbeidsmarkt. AFNL verwelkomt de aangekondigde korte termijn werkagenda voor arbeidsmarkt en sociale zekerheid, maar dringt aan op het wegnemen van belemmerende regelingen, zoals de loondoorbetaling bij ziekte in het tweede jaar. “Zonder verlichting op dit punt blijft het voor mkb-aannemers lastig om nieuwe vakmensen in vaste dienst te nemen”, is de AFNL van mening. Investeren in opleidingen, mbo-aanbod en zij-instroom blijft volgens de federatie onmisbaar, zeker gezien de toenemende concurrentie om technisch personeel.
Bouwend Nederland en AFNL zijn positief over de ambitie om regeldruk te verminderen. Regels die beter aansluiten bij de praktijk zijn volgens beide organisaties essentieel om ondernemers daadwerkelijk ruimte te geven.

