Waar duurzame keuzes als schelpenvloeren en kalkhennepisolatie ooit als idealistisch of afwijkend werden gezien, kiezen jonge vakmensen als Teun Visser en zijn leermeester Walther Dingemans jr. vol overtuiging voor de EnerPHit-renovatiestandaard. Met hun aanpak willen zij bewijzen dat hoogwaardige verduurzaming hand in hand kan gaan met comfort, efficiëntie én betaalbaarheid op de lange termijn. Gedreven door nieuwsgierigheid en een kritische blik op gangbare methodes, nemen zij afstand van snelle oplossingen en kiezen ze bewust voor kwaliteit die generaties meegaat. Hun verhaal laat zien dat verduurzaming niet alleen een technische, maar ook een culturele omslag is – een beweging die gedragen wordt door jongeren die écht het verschil willen maken.
“De schelpen in deze vloer liggen er al zeventien jaar”, vertelt Walther Dingemans jr. van VDZ Projecten.”Toen werd die klant nog voor gek verklaard. Maar nu zie je: het werkt gewoon uitstekend, die vloer is kurkdroog. Zeker voor iemand zoals ik die ook betonvloeren heeft gelegd, is dat een wereld van verschil.”
Leerling Teun Visser: “Als je op deze manier projecten kunt doen, is dat wel heel tof om mee te maken.” Zijn enthousiasme werkt aanstekelijk. Ondanks het feit dat hij pas anderhalve maand meeloopt, spreekt hij met overtuiging over wat hij hier leert. “Voor nu blijf ik hier een jaar, maar ik hoop dat ik mijn vierde leerjaar ook bij VDZ Projecten mag afmaken. En daarna wil ik me graag bij het bedrijf aansluiten.”
Impact van de leerervaring
De opleiding [Smart Building] besteedde wel aandacht aan duurzaamheid, maar die bleef vaak steken bij warmtepompen en zonnepanelen. “En dat is bij heel veel mensen zo”, merkt Teun op. “Maar bij VDZ Projecten zie ik dat er zó veel andere manieren zijn om te verduurzamen. Alle schoolprojecten die ik heb gedaan zou ik nu compleet anders aanpakken.” De impact van zijn leerervaring reikt dus verder dan de bouwplaats.
Die frisse blik brengt hij direct in de praktijk. Zo noemt hij het gebruik van houtvezelisolatie of een schelpenvloer als alternatieven voor de gebruikelijke glas- of steenwol. “Veel beter voor jezelf, maar ook voor de natuur”, zegt hij. “De isolatiewaarden zijn hoger en het materiaal is zelfregulerend. Bovendien geeft het een veel prettiger binnenklimaat.”
Walther jr. bevestigt dat de kennis op scholen nog achterloopt. “Wat Teun zegt klopt. Op school leer je: wil je verduurzamen, dan plaats je een warmtepomp naar behoefte van de woning. Maar wij draaien het om: wat is de behoefte van de woning, en hoe kunnen we die vraag verlagen? Pas dan bepaal je de installatie.” Die aanpak vergt meer voorbereiding en inzicht, maar levert uiteindelijk meer rendement en comfort op.
“We willen eigenlijk naar een tijdsbestek van 50 of 100 jaar. Dat vraagt om kwaliteit”, zegt Walther jr. “Dat betekent ook dat je installaties kleiner kunt houden. Geen warmtepomp van 12 kilowatt, maar misschien 4 of 6. En ook minder zonnepanelen. Minder, maar effectiever.”
Kalkhennepvezels bovenop schelpen
Boven op de schelpen voegt de aannemer kalkhennepvezels toe als bodemisolatie. “Deze combinatie zorgt voor uitstekende isolatiewaarden, wat essentieel is voor een biobased vloeropbouw. Kalkhennepvezels hebben een hoge thermische massa en zijn in staat om vocht te reguleren, waardoor ze bijdragen aan een gezond binnenklimaat. Door de volledige droge opbouw kunnen deze materialen optimaal functioneren”, aldus EnerPHit-adviseur Walther Dingemans.
Kwaliteit kost tijd
Die benadering vraagt om aandacht voor details. Walther jr: “Als je kwaliteit wil leveren, dan kost dat tijd. Er gaat veel werk in zitten wat je niet ziet. Maar het is superbelangrijk. De details doen er echt toe.” Hij noemt luchtdichting, kierdichting en het gebruik van het juiste soort tape als voorbeelden. “We hebben voor elk detail een ander soort tape. Klanten vragen soms hoeveel soorten we eigenlijk gebruiken. Ik ben erg fan van de materialen die we gebruiken.”
En dat is meteen ook de uitdaging in het opleiden van nieuwe vakmensen. “Het is altijd maar de vraag met wie je mee gaat lopen. Veel leermeesters werken nog volgens achterhaalde methodes. Dan leert een jonge gast iets wat eigenlijk niet meer klopt, en brengt dat in de praktijk. Tien jaar later halen wij al het spul er weer uit.” Die verspilling van materialen en energie probeert hij te voorkomen door het meteen goed te doen.
Walther jr stelt zichzelf continu de vraag: is dat wat wij doen wel goed? “Naarmate de tijd vordert, weet je: ja, het is goed. Omdat je continu streeft naar een optimum. Je verwerkt steeds beter, je luistert naar de feedback van klanten. En dat geeft vertrouwen. We hadden een project in Prinsenbeek; halverwege de renovatie merkte de klant al dat zijn woning een paar graden koeler werd. Dan weet je dat het werkt.”
Geen prijzenvechters, maar kwaliteit
Biobased en low tech bouwen is nog niet de norm, maar de energie die jonge bouwers zoals Teun erin steken, maakt duidelijk dat een omslag mogelijk is. “Ik hoop dat ik mijn vierde jaar hier ook nog mag afmaken als leerling,” zegt Teun. “En daarna bij het bedrijf kan aansluiten.” Walther jr ziet dat met vertrouwen tegemoet. “Het enige wat mij motiveert zijn jonge gasten die passie creëren en willen doorgroeien in kwaliteit. Geen prijzenvechters, maar mensen die het echt goed willen doen. De focus ligt niet op snelheid of kosten, maar op duurzaamheid, comfort en kwaliteit op de lange termijn.”

