Bouwunie: ‘Certificering draagt bij aan kwalitatieve gevelbouw, maar is niet zaligmakend’

Panelsessie tijdens Polyclose - Foto Jo De Rammelaere
Panelsessie tijdens Polyclose 2026. Links moderator Stephanie Demasure. De foto betreft een andere sessie dan waar dit bericht over gaat. (Foto: Jo De Rammelaere).

Elke twee jaar vindt in de Flanders Expo te Gent vakbeurs Polyclose plaats, de vakbeurs voor alles wat open- en dichtgaat. Op de PolycloseSummit, een inhoudelijk kennisprogramma dat deze editie voor het eerst plaatsvond, nam Aannemer deel aan een panelgesprek over het belang van normering en certificering voor kwalitatieve gevelbouw. Wat speelt er op dit gebied in Vlaanderen? We praten na met Hildegard Moreels van de Bouwunie.

Het betreffende panelgesprek op Polyclose vond plaats tussen Geert Van den Bossche (technisch directeur Borgh), Hildegard Moreels (Bouwunie) en ondergetekende en werd geleid door Stephanie Demasure. We praten na met Hildegard Moreels, die adviseur veiligheid, welzijn en onderwijs is bij de Bouwunie. De Bouwunie is de beroepsvereniging voor zelfstandigen en kleine en middelgrote ondernemingen in de bouw in Vlaanderen.

Moeten Europese normen flexibel genoeg blijven om lokaal implementeerbaar te zijn?

Hildegard Moreels: “Zeker, Europese normen zijn nodig, want ze zorgen voor een gemeenschappelijk kader. De lokale context verschilt van land tot land en een lokale markt heeft nu eenmaal andere noden. Wat werkt in het ene land, werkt niet automatisch in het andere. Daarom vinden wij dat normen vooral lokaal implementeerbaar moeten zijn.”

Vormen normen en certificering een krachtige hefboom voor kwalitatieve gevelbouw?

“Normen en certificering kunnen helpen om kwaliteit te verhogen, maar ze zijn niet zaligmakend. Een correcte uitvoering op de werf blijft minstens even belangrijk. We zijn ook geen voorstander van certificering voor alles. Bouwelementen moeten ter plaatse gemaakt kunnen blijven, anders maak je de sector onwerkbaar. Maatwerk moet mogelijk blijven. Hierin verschillen Vlaanderen en Nederland wat van elkaar – in Vlaanderen wordt op grotere schaal individueel gebouwd dan in Nederland, waar meer projectmatig wordt gebouwd.”

Veilig werken is in de gevelbouw belangrijk. Zijn specifieke trainingen noodzakelijk?

“Wij worden dikwijls gevraagd welke opleidingen verplicht zijn. En dan komen we automatisch uit bij veiligheidsopleidingen. De welzijnswetgeving stelt namelijk dat er instructies of opleiding gegeven moeten worden waar zich risico’s voordoen, zodat er preventief kan worden opgetreden.

Als we afgaan op wat de frequentste inbreuken zijn die inspectie vaststelt, dan komen we al snel uit dat ook zij het meest aandacht zullen hebben voor veilig werken op hoogte, werken met verreikers en hoogwerkers, asbestverwijdering, werken met diisocyanaten en uiteraard ehbo.

Andere opleidingen zijn soms nodig omwille van premies (bijvoorbeeld binnenisolatie) of certificatie (bijvoorbeeld brandwerende deuren) of verzekeringen. Waar de vaktechnische opleidingen vaak bedrijfsintern worden aangeleerd, gebeuren de veiligheidsopleidingen het merendeel via een erkend opleidingscentrum.”

Opleidingsdata België / Vlaanderen

Uit het Jaarverslag 2024 Sectorfonds Constructiv:

  • De bouwsector in België telt 26.500 bedrijven en een kleine 170.000 bouwprofessionals.
  • 1.525.000 gerealiseerde opleidingsuren met tussenkomst bij Belgische bedrijven (887.938 in Vlaanderen). Ongeveer de helft is bedrijfsintern (on the job training), iets meer dan 10% betreft veiligheidsopleidingen.
  • 6.650 bedrijven deden in 2024 een opleiding (4.295 in Vlaanderen). De participatiegraad bedraagt ca. 25%.
  • 55.300 bouwprofessionals deden in 2024 een opleiding (35.276 in Vlaanderen). Dat is 25 uur opleiding of ca. 3 werkdagen per persoon. De participatiegraad bedraagt ca. 30%

Moeten veiligheidsopleidingen vooruit kijken naar toekomstige ontwikkelingen in normering en duurzame bouwpraktijken?

“Zeker, maar we zien dat de sector toch ook behoudsgezind is. Niet om het even welke vernieuwing zal zomaar worden geïmplementeerd, omwille van de aansprakelijkheid. Het is belangrijk dat innovatie, duurzaamheid en digitalisering al mee vorm krijgen van bij het begin van een leertraject, dus ook al in secundair onderwijs, maar zeker ook in volwassenonderwijs.

Heel wat opleidingen hebben ook voornamelijk een theoretische invalshoek en mogen zeker nog praktischer worden aangepakt. Daar is het misschien wel een goed idee om innovaties in de praktijk te introduceren zodat ze ook sneller ingang vinden in de realiteit.”

Is certificering van bouwprofessionals een noodzakelijke stap om veiliger en kwalitatiever te bouwen?

“Extra certificering voor bouwprofessionals kan leiden tot meer administratieve lasten, bijkomende kosten en tijdsinvesteringen, zeker voor kleine en middelgrote bouwbedrijven. Het risico bestaat dat certificering evolueert van een kwaliteitsinstrument naar een drempel om te kunnen werken. Bovendien is het niet vanzelfsprekend dat extra certificaten automatisch leiden tot betere bouwkwaliteit, zolang bestaande regelgeving, productcertificaten en controles niet beter op elkaar afgestemd zijn. Voor een ondernemer is het belangrijk dat certificering werkbaar, proportioneel en praktisch blijft.”

Wouter de Vries, hoofdredacteur van Aannemer

Wouter de Vries is hoofdredacteur van Aannemer, Bouwwereld en Bouwspecials. Als journalist, bladenmaker en neerlandicus beziet hij de aannemerij met open en frisse blik. Naar alle berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.