Interview | Jan-Willem van Engen: “Traditioneel bouwen doen we niet meer”

Jan-Willem van Engen
Jan-Willem van Engen, winnaar JBN Award: "Draag uit wat je doet." (Fotografie: Herbert Wiggerman)

Jan-Willem van Engen (38) won in september de eerste JBN Award, een prijs van Jong Bouwend Nederland. Gesprek met een bevlogen bouwer, die vandaag de dag leidinggeeft aan een ecologisch houtbouwbedrijf met ruim veertig man personeel in Kockengen. “Als je bezig bent met de toekomst en laat zien waar je heen wil, dan stappen mensen aan boord.”

Verrast door de winst?

“Ja, dit zag ik een aanvankelijk niet aankomen, maar nadat je genomineerd bent, wil je natuurlijk ook graag winnen. Ik vind het leuk dat ik genomineerd ben door collega- bouwers. De aanloop naar de uitreiking samen met de andere twee genomineerden vond ik bijzonder positief; mooi om te zien hoe we alle drie op onze eigen wijze aan het ondernemen zijn om onze bedrijven onderscheidend en toekomstbestendig te maken.

Die uiteindelijk winst, daar ben ik trots op. Ik zie het als een bevestiging dat we de goede kant op gaan en dat we iets moois aan het doen zijn met alle mensen die hier werken. Het is een prijs op mijn titel. Dat vind ik erg stoer, maar zonder de gezamenlijke inzet en drive van de mensen in ons bedrijf had ik deze prijs natuurlijk niet gewonnen.”

In welk opzicht ben je een voorbeeld voor jonge bouwers?

“Ik denk ten eerste vanwege onze visie in ecologische houtbouw. Traditioneel bouwen doen we niet meer. Dat spreekt aan: je maakt een keuze om het anders te doen. Het andere aspect gaat over hoe je in de maatschappij staat. Inmiddels hebben we enige omvang, zodat we ook iets kunnen doen voor de maatschappij. Leerlingen opleiden, plaatselijke initiatieven steunen, goede doelen sponsoren, de lagere school ontmoeten hier in de werkplaats. Ik vind dat je dat als bedrijf ook móét doen. En de verantwoordelijkheid daarin mag nemen. Het gaat ten derde ook over hoe je met mensen omgaat. Zorg je goed voor je personeel, dan zorgt het personeel goed voor jouw bedrijf. Ik vind dat bijna standaard, maar dat is niet meer standaard.

Ik lig er niet wakker van als er ergens technisch iets fout gaat op een bouw – dat is op te lossen. Maar ik vind het irritant als mensen niet goed met elkaar overweg kunnen, of dat iemand niet lekker in zijn vel zit door iets dat zich afspeelt bij ons op een bouwplaats. Die menselijke kant – samenwerking – dat vind ik leuk en belangrijk. Arno Visser noemde bij de uitreiking dat ik een persoon ben voor wie je graag wil werken. Dat is voor mij net zo’n groot compliment als dat ze zeggen ‘met zijn visie loopt hij voorop’.”

Er werken nu ruim veertig man bij Bouwbedrijf van Engen, maar hoe begon je?

“Zestien jaar geleden, als zzp’er. Ik had net hbo-bouwkunde afgerond en werd gebeld door iemand in het dorp die een houten woning wilde bouwen. Dat was een prefab woning, die werd geleverd maar niet in elkaar gezet. Uiteindelijk heb ik die opdracht aangenomen en ben ik er mijn bedrijf voor gestart, met het idee om daarna bij een andere aan- nemer te gaan werken om ervaring op te doen en óóit voor mezelf te beginnen. Maar ik ben nooit bij een aannemer terechtgekomen. De leverancier van die eerste woning nam me mee naar een andere woning, de architect van die woning nam me weer mee naar een volgend project, enzovoorts.”

‘Zorg goed voor je personeel, dan zorgt het personeel goed voor jouw bedrijf.’

Dus die houtbouwinsteek ontstond toevallig?

“Als iemand mij had gevraagd om een traditionele woning te bouwen, was ik niet zo enthousiast geweest, want ik ben in mijn hart gewoon een timmerman. Het begon dus als liefhebberij, niet als visie. Dat kwam later. De eerste zes tot acht jaar bouwden we alles, ook traditioneel. We waren een regionale allesdoener, zoals veel mkb-aannemers. Ik ben ook houten woningen blijven bouwen en op een gegeven moment dacht ik: dit is beter. We konden in hout makkelijker een energiezuinige of ‘energienulwoning’ maken dan op de traditionele manier en ik vond het ook echt leuker. Dat komt omdat mensen die destijds – 2013-2014 – een houten woning bouwden, daar heel bewust mee bezig waren. Daar had ik een klik mee.

Die omslag – dat we onszelf duurzame houtbouwer gingen noemen – was best spannend. De website was daarop ingericht, we zouden geen traditionele projecten meer doen. Nou, die vraag is er ook nauwelijks meer geweest. Dat is misschien mazzel, maar blijkbaar werkt dat dan zo. Als je uitdraagt wat je doet, vallen andere dingen automatisch af.”

Jan-Willem van Engen
Je hebt een hele materialenkast op kantoor. Hoe heb je je kennis vergaard?

“Deels via architecten, deels via leveranciers, deels via opdrachtgevers. En deels geen traditionele rugzak hebben. Als mijn vader, oom of broer traditionele aannemer was geweest, had ik dit niet zo snel gedaan. Door mijn frisse, niet beïnvloede blik zocht ik de oplossingen die bij onze visie passen en viel ik niet terug op traditionele oplossingen.”

Vanaf welk moment had je personeel?

“Ik heb de eerste woning gedaan met een jongen die de timmeropleiding deed, als hulp. Twee jaar later was hij klaar met zijn vakopleiding en werd hij mijn eerste personeelslid. Na een jaar of vijf had ik zes timmermannen in dienst en zat ik alleen op kantoor. Mijn vrouw deed de boekhouding en personeelszaken thuis in de avonduren. Toen kwam de eerste werkvoorbereider naast mij op kantoor en maakte ook mijn vrouw de beslissing om te stoppen met haar baan elders, om samen aan het bedrijf te werken. Daarna gingen verdere groei in personeel en ontwikkelingen op het gebied van veiligheid en digitalisering heel snel.

Twee jaar geleden was de piek: toen hebben we tien mensen aangenomen in een heel jaar. Dat is nu weer wat afgevlakt en dat vind ik prima; de markt en actualiteiten blijven immers aan het veranderen. En met groei blijft het sturen op onze visie en vasthouden van onze bedrijfscultuur – ‘alle neuzen dezelfde kant op’ – wel een constant aandachtspunt.”

Hoe breng je kennis op hen over?

“Voor een deel door die letterlijk te vertellen, maar ook door ze de ruimte te geven om zich die kennis eigen te maken. Door ze niet in een keurslijf te stoppen, maar zelf op onderzoek te laten gaan. Als het maar wel met die ecologische en energiezuinige visie is die wij uitstralen. We hebben ook weleens medewerkers gehad die een ecologische oplossing onzin vonden en voor een traditionele oplossing wilden gaan, die minder moeite kostte. Zo werkt dat niet bij ons. Ik was mijn eigen ecologische waarden aan het verdedigen tegenover hen, en dat werkte niet. Als je de visie en het doel kenbaar maakt en zorgt dat die visie wordt gedeeld, komt de oplossing vanzelf mee.”

Wat is de beste investering die je hebt gedaan?

“In eerste instantie het personeel, als je dat als investering kunt zien. De mensen die hier lopen, maken het bedrijf. Dit pand hier neerzetten is een goede stap geweest. En – een wat kleinere – twee jaar geleden hebben we een inblaasmachine gekocht voor ecologische isolatiematerialen. Daar hik je dan even tegenaan, maar na twee weken vraag je je af waarom je die investering niet eerder deed. Het is er een die helpt bij onze visie. We hebben nu een project waar we misschien de binnenwanden met miscanthus gaan isoleren. Dat willen we graag proberen.”

‘Breng focus in je bedrijf, een visie: waar wil je staan over tien jaar.’

Houtbouw en biobased bouwen breekt steeds meer door.

“Een jaar of drie, vier geleden kregen we aanvragen voor kleine straatjes of wijkjes. Of we die in hout wilden bouwen. Inmiddels krijgen we die aanvragen niet meer. Ik denk omdat grotere aannemers het inmiddels ook doen, en dat is veel passender. We hebben dat ook nooit gedaan, omdat we geen seriematige bouwer zijn. Onze timmermannen willen elke keer iets bijzonders maken. In dat opzicht is er maatschappelijk gezien in Nederland eigenlijk minder behoefte aan wat wij doen. Er is veel meer behoefte aan tien woningen die goedkoper en op een goede manier worden gebouwd. Wat dat betreft had ik beter in die rijtjeshuizen en appartement kunnen gaan, maar ons hart gaat sneller kloppen van een heel moeilijk gebouw.”

Grote bouwers zijn wel om, toch?

“De houten woningen die nu uit de fabrieken komen zijn nog niet de woningen die het zouden moeten zijn: ze zijn niet ecologisch geïsoleerd, bijna altijd dampdicht en allemaal nog met folies. Er is een verbeterslag te maken, maar het startpunt is er wel en dat is mooi om te zien.”

Tot slot: wat is je boodschap aan collega-aannemers?

“Breng focus in je bedrijf. Een visie: waar wil je staan over tien jaar? En laat dan vervolgens tachtig procent van wat niet in die richting wijst, vallen. Dat helpt je. Ik denk ook dat je daarmee mensen laat zien dat het bedrijf toekomst heeft. We zijn nu allemaal aan het jagen op personeel. Halen ze binnen, maar door de achterdeur vliegen ze er weer uit. Ik denk: als je bezig bent met de toekomst en laat zien waar je heen wil, dan stappen mensen aan boord. Ze willen helpen om die visie te behalen, doen dat vol passie en inzet en stappen dus niet zo snel meer uit.”

Dit artikel is eerder gepubliceerd in Aannemer 8 – 2023.

Paul Diersen, redacteur biobased bouwen

Paul Diersen is als freelance journalist en tekstschrijver actief in de bouw. Zijn voornaamste interesse: de CO2-neutrale en circulaire gebouwde omgeving die als stip op de horizon staat, en hoe we daar gaan komen. Fan van bedrijven die op dit vlak voorop lopen.

Bekijk alle berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.