Het dak van hun huis maakt bij flinke wind een klapperend en krakend geluid. Hoe kan dat? Verschillende experts komen langs voor hersteladvies, maar volgens de aannemer is er onder aan de streep niets aan de hand. De langdurige zoektocht eindigt met een oordeel van de arbiter.
De aannemer in deze zaak bouwt een vrijstaande woning voor een particuliere opdrachtgever en levert die in maart 2017 op met Woningborggarantie. In januari van het volgende jaar krijgt hij een mail: het dak piept en kraakt als het waait. En wel zo hard dat de bewoners er niet van kunnen slapen. Kan hij dit verhelpen?
Een jaar later – in februari 2019 – sommeren de bewoners de aannemer om het dak te onderzoeken en zo nodig te herstellen. Die kan op locatie niets vreemds ontdekken. In september werkt hij niettemin de naden tussen de dakplaten beter af met isolatieschuim en zet hij de waterkerende folie beter vast. Ook komt er namens hem een expert kijken. De aannemer koppelt, volgens het in april 2020 uitgebrachte hersteladvies, een houten schot naast de dakkapel los van de dakconstructie.
De bewoner schakelt ook een expert in. Die rapporteert in juli 2022 en vermoedt dat harde wind voor vervorming en werking van de dakplaten zorgt. Dat er een dakkapel op het dak staat, werkt waarschijnlijk ook mee: de dakplaten buigen rondom de dakkapel een beetje door. Ook hij geeft advies, waar niets mee gebeurt.
Herstel is de eis
Het mondt uit in een zaak bij de Raad van Arbitrage in Bouwgeschillen in maart 2023. Duidelijk is dat het geadviseerde herstel dat de aannemer uitvoerde, niet heeft geholpen. De bewoners klagen over een klapperend geluid op zolder bij windkracht 5, vanuit de nok. Alsof er iets los zit op het dak. Of zit er plastic los onder de pannen? Dat klapperende geluid is er nog steeds, het krakende geluid is wél iets verminderd. De eis is simpel: herstel.
De aannemer stelt dat de bewoners niet hebben aangetoond dat er een gebrek is. Hij heeft bovendien meegewerkt en herstelwerkzaamheden uitgevoerd. Er was ook afgesproken dat de bewoners geluidsmetingen zouden doen, zoals vastgelegd in het rapport van de expert. Die metingen zijn niet gedaan – er zijn alleen oude geluidsopnames uit 2019.
Deskundige kon niet meten
De arbiter wijst een deskundige aan. Die moet maar gaan meten op het momenten dat het windkracht 5 is. Twee jaar later maakt hij op verzoek van de arbiter een tussenrapportage, in aanloop naar de behandeling van de zaak. Wat blijkt? Hij heeft geen metingen kunnen verrichten. Het is, op basis van gegevens van het nabije weerstation, dertien keer windkracht 5 of hoger geweest. De klacht komt zo weinig voor dat deze ‘als gering bestempeld zou kunnen worden’. In reactie op het deskundigenrapport stellen de bewoners dat er niet in staat dat het klapperen twee keer is voorgevallen in de laatste vier maanden.
De arbiter trekt hieruit een conclusie: dit geklapper komt zo weinig voor dat er ‘in redelijkheid geen sprake is van een tekortkoming’. Het is niet ongebruikelijk dat een dakconstructie bij flinke windbelasting geluid maakt. De bouwregelgeving zegt er ook niets over. Verder blijkt niet dat er gebreken zijn in de dakconstructie die het klapperende geluid veroorzaken. In het rapport van de deskundige van de bewoners staan enkel vermoedens – er is geen destructief onderzoek geweest. De arbiter heeft weliswaar de doorbuiging van de dakplaten gezien, maar die is toelaatbaar.
Oordeel
De aannemer heeft niets verkeerd gedaan. De arbiter wijst de vordering af. De proceskosten zijn in totaal 14.391,14 euro. De bewoners hebben ongelijk in de zaak en krijgen daarom hun aanvraagkosten à 370,00 euro niet terug.
Bewerkt naar het verslag van de Raad van Arbitrage in Bouwgeschillen, geschilnummer 82.235

